Monthly Archives: October 2013

Voor Nathan Verhelst

Als psycholoog ben ik diep geschokt door jouw dood. Ik vermoed dat je heel uitdrukkelijk euthanasie hebt gevraagd. Toch vind ik dat als iemand aan een hulpverlener iets vraagt, dat die hulpverlener niet enkel de letterlijke vraag moet horen, maar ook ‘de act’ van het vragen op zich. Als je radicaal zeker dood wou, kon je ook “gewoon” zelfmoord plegen: er bestaan trefzekere en geweldloze manieren om dit te doen. Dat is niet wat je deed. Je hebt wellicht vele vragen aan hulpverleners gesteld in je leven, gezien je levenswandel (psychiaters, artsen, psychologen misschien).  Maar hier vroeg je om te sterven. Iets vragen aan iemand is nog steeds zich tot iemand richten, dat is nog steeds zwanger van een stukje leven. Ik ben geschokt dat we, als hulpverleners, als maatschappij wellicht, het stukje leven in die vraag niet hebben kunnen dragen om je erbij te houden. Ik wil je lijden niet onderschatten. Het met het eigen lijf moeten doen is één van de moeilijkste opdrachten waar we als mens voor staan, is één van de pijnlijkste bronnen van ontreddering. Uit wat ik lees meen ik te begrijpen dat het jou wel bijzonder zwaar viel. Maar wat me opstandig maakt, is dat wij – ik spreek nu in naam van de “psy”-hulpverleners – je geen (voldoende) houvast hebben kunnen bieden, terwijl we net gevormd zijn – of zouden moeten zijn – om in het bijzonder deze grote existentiële vragen (“waar kom ik vandaan? wie ben ik als man of als vrouw? wat is de zin van mijn leven? wat zal ik betekend hebben?”) te helpen dragen. Ik bedoel heel concreet dat, zonder afbreuk te willen doen aan de zwaarte van je ontreddering, de vragen waarmee je worstelde vragen zijn waarmee we aan de slag kunnen gaan als hulpverleners. Het zijn vragen die allesbehalve een hopeloos karakter hebben, vragen, waarvan de psy*-hulpverlener weet dat die bewerkbaar zijn. Ik kan me niet ontdoen van de overtuiging dat het voor jou niet over had moeten zijn en dat in het bijzonder de psychologische hulpverlening hier gefaald heeft. We lezen nu ook heel scherp klinkende oordelen over jou uit de mond van je moeder. Dat komt ons, als beroepsgroep of als maatschappij, wellicht goed uit: er is een duidelijke boosdoener die we de schuld kunnen geven van je overlijden. De psychische verklaring lijkt voor de hand te liggen: je moeder was niet aan je gehecht, wellicht had ze (onbewuste, of misschien zelfs bewuste) doodswensen jegens jou en die heb jij nu uitgevoerd of laten uitvoeren. Alleen lijkt me dit iets te makkelijk: ik kan niet op afstand oordelen over jouw verhaal, maar zelfs in het geval dat iets van die veronderstelling zou kloppen, dan nog zal de ervaren hulpverlener hier ook een stuk van het algemeen menselijke drama horen. Moeders zijn zelden volkomen blij met hun kinderen en wensen ze quasi steeds minimaal ook een klein beetje dood. Uiteraard is jouw verhaal niet het verhaal van de anderen en zonder twijfel valt er iets in jouw particuliere geschiedenis te horen. Maar wat ik bedoel is dat wat er te horen viel, mijns inziens, kon gehoord worden, dat alle signalen die ik kan lezen aangeven dat dit het soort materie is waarmee een ervaren hulpverlener aan de slag kan, en ik heb de grootste moeite om me te overtuigen van de onvermijdelijkheid van jouw dood. Beste Nathan, ik hoor in jouw nieuwe naamkeuze ook een ontroerende en poëtisch veerkrachtige poging om opnieuw tot het leven geboren te worden, eventueel zelfs om tegengewicht te bieden aan het helse van een eerste geboorte. Het valt me zwaar dat we als maatschappij er niet als nieuwe levenskans konden zijn voor jou.