Geen straf voor verkrachting leidt tot een gevoel van straffeloosheid, schrijft Ariane Bazan. De dader een cursus traumapsychologie en psychoseksualiteit laten volgen ware beter geweest.
Hoe gevoelig de strafmaat ligt bij een rechterlijk vonnis, bleek nog maar eens na de merkwaardige opschorting voor de 24-jarige geneeskundestudent uit Leuven, die schuldig is aan verkrachting. Als we een ander schade berokkenen – en dat doen we zodra we die persoon als een ding behandelen, wat hier kennelijk het geval was – is er schuld. De rechtspraak kan erop toezien dat we als groep, inclusief de dader, toch weer samen verder kunnen. Het vonnis, met inbegrip van de strafmaatregel, maakt dat mogelijk. Het zegt aan de dader: “Door deze mens te schaden, heb je de hele groep geschaad. We zetten je niet definitief uit de groep, maar je moet nu wel deze straf uitzitten om opnieuw een volwaardige plaats in de groep te kunnen innemen.”
Schuldbesef is niet in steen gebeiteld omdat de dader er expliciet en authentiek blijk van heeft gegeven. Als er geen of een te lichte straf is, kan het idee van straffeloosheid ontstaan, ook al hebben we schuldinzicht getoond. Mensen zijn niet zonder grensoverschrijdende foute gedachten. Bij een te lichte straf kan bij de dader het idee ontstaan dat hij er nog licht van af is gekomen en dat het dus misschien wel de moeite waard was. Omgekeerd, als de straf onredelijk zwaar is, krijgen we het bijzonder moeilijk en stapelen we rancune op: “Ik heb inderdaad een misstap begaan, maar deze straf is buiten proportie, ik word oneerlijk behandeld.”
Een correcte rechtspraak met een proportionele straf voorkomt beide reacties. Een straf heeft dus niet alleen een sociaal nut – het voorkomen van recidive – maar heeft ook en vooral mentale effecten. Net die mentale effecten zijn bepalend voor recidive. Op een paradoxale manier bevordert zowel het gevoel van straffeloosheid – “ik word toch niet gestraft” – als het gevoel van rancune – “de groep behandelt me toch niet fair” – de kans op recidive.
Aangepaste strafmaatregel
In dit concrete geval was een aangepaste strafmaatregel misschien een beter idee geweest. De jongeman geeft daar zelf de aanzet toe als hij zich bereid toont om vragen te beantwoorden en in gesprek te gaan. Justitie zou aangepaste strafmaatregelen in die richting kunnen uitspreken, zoals het verplicht volgen van een cursus traumapsychologie en psychoseksualiteit, of het verplicht deelnemen aan herstelgerichte conferenties. Dat zijn begeleide gesprekken waaraan daders, slachtoffers en andere betrokkenen (zoals familieleden of vrienden) op vrijwillige basis kunnen deelnemen. Omdat de strafmaatregel uitsluitend de dader moet treffen, gaat het uiteraard nooit over daders en slachtoffers van hetzelfde delict. Toch leiden zulke herstelgerichte conferenties vaak tot emotionele uitwisselingen die alle deelnemers door elkaar schudden. Het gevolg is een stukje vermenselijking, met het directe besef hoe misdaad mensenlevens schaadt, maar ook met het besef hoe snel mensen – alle mensen, ook zij van wie we het niet meteen verwachten – misstappen kunnen begaan. Zo’n cursus volgen of deelnemen aan zulke gesprekken verplicht een dader om een stuk van zijn tijd en van zijn aandacht te geven en op die manier zijn schuld af te lossen en tot inzicht te komen.
Dynamiek van wraak
Een strafmaatregel in die aard kan een tegengif zijn tegen de woekering van het gevoel van straffeloosheid en kan door haar proportionaliteit tegelijk rancune voorkomen. In een rechtsstaat is het essentieel om de strafmaatregel los te koppelen van de slachtofferbegeleiding: wat er moet gebeuren met de dader wordt niet afgestemd op wat het herstel van het slachtoffer bevordert. Dat lijkt hard, maar het is essentieel om een dynamiek van wraak te voorkomen. Toch zal een juiste aanpak van de dader zowel het slachtoffer als de groep helpen om makkelijker tot berusting te komen. Zonder dat die berusting het doel is van zo’n aangepaste strafmaatregel, zou het er uiteraard een welkom gevolg van kunnen zijn.
Ne sous-estimons pas l’impact psychique d’un verdict. Un jugement juste et proportionné ne se limite pas à prévenir la récidive : il permet au coupable d’assumer sa faute et de retrouver une place dans la société. Une peine trop légère peut entretenir l’idée que l’acte en valait la peine, tandis qu’une sanction trop lourde risque de nourrir le ressentiment et le sentiment d’injustice. Dans l’affaire récente d’un étudiant reconnu coupable de viol, mais qui n’a pas été condamné à une peine effective, une mesure alternative aurait peut-être été plus adaptée — comme l’obligation de suivre un cours de psychosexualité ou de psychologie du traumatisme, ou encore la participation à des conférences restauratives. Ces dispositifs visent à favoriser la prise de conscience des conséquences humaines d’un acte délictueux, tout en évitant la confusion entre la sanction infligée au coupable et la réparation attendue par la victime. Ils ouvrent également un espace pour l’humanisation — ou la réhumanisation — des rapports, condition nécessaire à toute forme de reconstruction individuelle et collective.
Ne sous-estimons pas l’impact psychique d’un verdict. Un jugement juste et proportionné ne se limite pas à prévenir la récidive : il permet au coupable d’assumer sa faute et de retrouver une place dans la société. Une peine trop légère peut entretenir l’idée que l’acte en valait la peine, tandis qu’une sanction trop lourde risque de nourrir le ressentiment et le sentiment d’injustice. Dans l’affaire récente d’un étudiant reconnu coupable de viol, mais qui n’a pas été condamné à une peine effective, une mesure alternative aurait peut-être été plus adaptée — comme l’obligation de suivre un cours de psychosexualité ou de psychologie du traumatisme, ou encore la participation à des conférences restauratives. Ces dispositifs visent à favoriser la prise de conscience des conséquences humaines d’un acte délictueux, tout en évitant la confusion entre la sanction infligée au coupable et la réparation attendue par la victime. Ils ouvrent également un espace pour l’humanisation — ou la réhumanisation — des rapports, condition nécessaire à toute forme de reconstruction individuelle et collective.